Denemarken is het kleinste land van Scandinavië, maar niet minder bijzonder. Het is het land van de sprookjes van Hans Christian Andersen, van de maagdelijke stranden van Jutland, van de miljoenenstad Kopenhagen, Smørrebrød (roggebrood met haring) en de vele verrassende eilandjes, zoals Lolland, Møn en natuurlijk Seeland.
Denemarken heeft wel iets van Nederland: boerderijen, kleine dorpjes, akkers en weilanden, steden en karakteristieke kerkjes. Denemarken heeft ook een lange kuststrook (7500 kilometer lang) met vele stranden, de Deense Rivièra. Vooral bij Jutland liggen prachtige stranden om te zonnen of om een wandeling te maken. In de musea in Aalborg en Roskilde herleven de Vikingtijden. In Roskilde zijn meerdere Vikingschepen te bewonderen en worden ook Vikingschepen nagebouwd. Bovendien worden er speciale vikingmarkten en -festiviteiten georganiseerd, vooral op Jutland en Seeland. Linholm Høje, vlakbij Aalborg, kent het grootste aantal ijzeren graven van heel Scandinavië.
Vierhonderd eilanden
In de Oertijd woonden er al mensen in het gebied dat nu Denemarken heet. Tegenwoordig wonen er ongeveer 5,2 miljoen Denen in het land, waarvan viervijfde in de steden. Alleen al Kopenhagen heeft een inwonertal van 1,4 miljoen. Het land heeft een oppervlakte van 42.930 vierkante kilometer en bestaat uit ruim vierhonderd eilanden, waarvan er ongeveer negentig zijn bewoond. Hoewel, Denemarken is groter dan je denkt, want ook Groenland is eigendom van de Denen.
Kopenhagen is de hoofdstad van het land. Daarnaast zijn Århus, Odense en Aalborg de grootste steden, maar met veel minder inwoners dan Kopenhagen (niet meer dan een paar honderdduizend inwoners). Een van de grote toeristische attracties is Legoland, in het plaatsje Billund. Het is een wereld gebouwd van legosteentjes. Met bekende plekjes uit Europa, zoals de Amsterdamse grachten. Een van de grootste bouwwerken is de bekende rots in Noord-Dakota van de vier Amerikaanse presidenten, gemaakt van 2,5 miljoen stukjes lego. Je kunt zelf ook wat bouwen met de steentjes die je ter beschikking krijgt.
Grootste hangbrug van Europa
Denemarken heeft een vrij mild klimaat met aangename zomers en zachte winters. Het voor- en najaar zijn perioden waarin de natuur op z'n mooist is, maar in de zomer kun je natuurlijk ook het land bezoeken, als de stranden drukbevolkt zijn. In 1998 werd tussen de plaatsen Nyborg op het eiland Fünen en Korsör op Seeland de grootste brug van Europa gebouwd. Sindsdien is het een toerististoord geworden met tentoonstellingen in musea en rondleidingen. Het duurt 20 minuten om de acht kilometer lange hangbrug te passeren met de auto. Met de trein kan ook, want onder de brug is een tunnel geboord waar de trein doorheen rijdt.
Denemarken heeft wel iets van Nederland: boerderijen, kleine dorpjes, akkers en weilanden, steden en karakteristieke kerkjes. Denemarken heeft ook een lange kuststrook (7500 kilometer lang) met vele stranden, de Deense Rivièra. Vooral bij Jutland liggen prachtige stranden om te zonnen of om een wandeling te maken. In de musea in Aalborg en Roskilde herleven de Vikingtijden. In Roskilde zijn meerdere Vikingschepen te bewonderen en worden ook Vikingschepen nagebouwd. Bovendien worden er speciale vikingmarkten en -festiviteiten georganiseerd, vooral op Jutland en Seeland. Linholm Høje, vlakbij Aalborg, kent het grootste aantal ijzeren graven van heel Scandinavië. |